Historisch kader
Achtergrond
Dossiers
| RSHA |
|
Het Reichssicherheits-Hauptamt (RSHA) ontstond in 1939 te Berlijn na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog door de samenvoeging van Geheime Staatspolizei (Gestapo), de Kriminal Polizei (Kripo) en de Sicherheitsdienst (SD) van de SS. In deze nieuwe inlichtingen- en veiligheidspolitieorganisatie versmolten staats- en partijorganen terwijl de taakstelling tot in de kern verbonden was met het nazistische volksgemeenschapsideaal: het Duitse volk diende met alle beschikbare middelen ‘zuiver’ gehouden te worden.
Het RSHA beschikte over een ongekende, op terreur en rechteloosheid gebaseerde macht en stond aanvankelijk onder leiding van Reinhard Heydrich (1904-1942). Na diens overlijden (aan de gevolgen van een aanslag) werd het RSHA korte tijd geleid door Heinrich Himmler en daarna, vanaf januari 1943 door Ernst Kaltenbrunner (1903-1946).
Het RSHA werd in maart 1941 gereorganiseerd en bestond vanaf dat moment uit zeven afdelingen, die zowel in Duitsland als in de veroverde gebieden van Europa actief waren. Binnen Duitsland kon men politieke en ‘raciale’ tegenstanders in Schutzhaft nemen. Dit was een vorm van preventieve hechtenis die neerkwam op gevangenschap in een concentratiekamp zonder enige vorm van proces. In Oost-Europa en de Sovjet-Unie organiseerde het RSHA de systematische moord op ‘vijandige’ elementen, waaronder in het bijzonder vooraanstaande communisten en joden. Vanuit het Referat IV B 4 Judenangelegenheiten und Räumungsangelegenheiten organiseerde Adolf Eichmann vanaf de tweede helft van 1941 de deportatie van de Europese joden.
|

